Procesverhaal | Attendiz2020-06-29T10:19:35+00:00

Procesverhaal

Attendiz

Attendiz is sinds dit schooljaar (2019/2020) gestart met een pilot van TRIPS op twee scholen en op bestuursniveau. Het doel is om gemakkelijk data-ondersteunde gesprekken te voeren over de onderwijskwaliteit. “Weten wat werkt en daar meer van doen”, daar moet TRIPS hen mee gaan helpen. 

Fase 0. Gezamenlijk ontwerp

Terugblik | 29 juni, 2020

Attendiz is het afgelopen schooljaar gaan onderzoeken hoe zij data beter kunnen gaan inzetten bij het gesprek over onderwijskwaliteit. In hun zoektocht zijn ze op TRIPS gestuit. Annemieke Willems (beleidsadviseur bij Attendiz) vertelt met een terugkijkende blik op het proces. Ze bespreekt de aanleiding, de overwegingen en het verloop van de implementatie van TRIPS bij de pilotscholen.

Mijn hart ligt bij de onderwijskwaliteit

Ik ben na mijn afstuderen als orthopedagoog aan de slag gegaan in het speciaal onderwijs (cluster 4). In die jaren was er een omslag in het speciaal onderwijs door de wet kwaliteit (V)SO). Mede hierdoor kwam er meer nadruk te liggen op opbrengsten en verruimde de blik van leerling naar (ook) de groep en de school als geheel. Het speciaal onderwijs werd minder een zorgschool en in toenemende mate een school met zorg. Het meewerken aan die omslag was erg inspirerend. Ik merkte daardoor dat mijn hart echt lag bij het werken aan onderwijskwaliteit omdat ik merkte dat dit direct effect had op alle kinderen van de school.

Subsidie schoolkracht

Inmiddels ben ik twee jaar werkzaam als beleidsadviseur op bestuursniveau en houd ik me bezig met de onderwijskwaliteit. Kwaliteitszorg is wat mij betreft jezelf en anderen steeds de vraag stellen of dat wat we doen nog steeds het beste is voor onze leerlingen. En op basis daarvan het onderwijs iedere dag een beetje beter maken.
Ik houd me op dagelijkse basis bezig met het bewaken en optimaliseren van de onderwijskwaliteit op onze scholen. We onderzoeken wat we doen en of we dat goed doen. We hebben hiervoor een Attendiz kwaliteitskader ingericht. Op basis hiervan voeren scholen zelfevaluaties uit. Jaarlijks verantwoorden onze scholen en het bestuur zich over de resultaten van het onderwijs. Daarnaast hebben we een intern auditteam dat periodiek met een positief kritische blik de onderwijskwaliteit op de scholen onderzoekt. Per kwartaal  rapporteren onze scholen (en bovenschools) de bevindingen aan het bestuur.

We ontwikkelen op basis van deze analyses samen nieuwe werkwijzen of scherpen de aanpak aan waar dit nodig is. Ik werk hierbij nauw samen met directeuren, commissies van begeleiding, beleidsadviseurs op andere organisatiegebieden, het concernmanagementteam en de bestuurder. Deze verschillende perspectieven helpen om het op alle niveaus goed te regelen zodat de leraar in de klas goed onderwijs kan geven en de leerling zich veilig voelt op school. Het afgelopen jaar zijn we steeds meer integraal en dataondersteund gaan werken. Vandaar dat we besloten hebben om ons te oriënteren op TRIPS.

De scholen lijken divers, maar het draait om hetzelfde

We hebben een enorme verscheidenheid aan soorten scholen binnen Attendiz; so, vso, cluster 3 en 4. Dat is ontzettend leuk. Het is een uitdaging om vanuit alle onderwijstypen een gedragen beschrijving op te stellen, alle soorten lijken heel divers. Toch draait onderwijskwaliteit uiteindelijk allemaal om hetzelfde: geeft de leraar goed les, voelen leerlingen zich prettig en veilig en leren zij voldoende? Dit is op al onze scholen de focus.  

Het gesprek wordt gevoerd waar de analyses plaatsvinden

Toch kan het ook wel eens lastig zijn. Elke school heeft zijn eigen manieren om onderwijs vorm te geven. Onze scholen verschillen onderling qua leerlingvolgsysteem, lesmethodes, etc. Het onderling vergelijken van de onderwijskwaliteit op onze scholen is daardoor lastig. Er is in het verleden geprobeerd om al onze scholen vanuit eenzelfde leerlingvolgsysteem te laten werken zodat er uniformiteit zou ontstaan. Dit werkte niet. Daarvoor zijn onze scholen te verschillend.
We gaan daarom juist nu uit van die verscheidenheid. We hebben met elkaar wel een aantal spelregels afgesproken. We werken allemaal vanuit hetzelfde Attendiz Kwaliteitskader. We hebben daarin afgesproken wat wij verstaan onder ‘Goed Onderwijs’. We werken vanuit dezelfde kwaliteitszorgcyclus. En we hebben afgesproken dat soortgelijke scholen vanuit eenzelfde onderwijsformule werken. Dit betekent concreet dat soortgelijke scholen intensief overleg voeren en afstemmen met elkaar over onderwijsinhoudelijke aanpakken. 

Het inzichtelijk maken van de resultaten van het onderwijs is zeer arbeidsintensief. Zowel op het niveau van de school als op het niveau van het bestuur. Er moeten handmatige berekeningen gedaan worden om alle informatie in de schoolstandaard te passen. Op bestuursniveau wordt inzichtelijk gemaakt of en hoe de school zich verhoudt met de schooleigen standaarden. Deze bewerkingen en analyses worden op de scholen vooral uitgevoerd door de CvB. Het gevolg is dat het werken met data, het inzicht in de data en het gesprek over data (vooral) op het niveau van de CvB wordt uitgevoerd, in plaats van bij en door de leraar. 

Effect is meer dan een vaardigheidsscore

Onderwijs is interactie. Je moet naar de hele ontwikkeling van de leerling en de context van de groep en de school kijken om integraal te kunnen sturen op de kwaliteit van het onderwijs. De leraar is iedere dag verantwoordelijk voor het vormgeven en plannen van het onderwijs. We hebben met elkaar afgesproken dat we plannen en evalueren hierin erg belangrijk vinden. Leerstof wordt opgebouwd in een doorgaande lijn en je past je instructie en verwerking aan op verschillen tussen leerlingen. Om te weten of dat wat je doet ook goed is, moet je ook weten of iets effect heeft gehad. Is je instructie passend geweest? Hebben leerlingen het begrepen en kunnen zij het goed toepassen? Zijn leerlingen in staat om zelf hun werk te plannen en te organiseren? Voelen leerlingen zich prettig en veilig in jouw klas? Wat doe ik hier zelf goed in en wat kan ik zelf beter doen? Daarom is het ook belangrijk dat leraren zelf onderzoek kunnen doen naar hoe het staat met hun doelen en of ze de juiste acties ondernemen. 

Het zou daarom juist een meerwaarde zijn dat de leraar zelf eigenaar is over het gesprek over de kwaliteit van het onderwijs in de klas en makkelijk inzicht heeft in de gegevens die er toe doen voor hem/haar. 

Data analyseren op een specifiek onderdeel gebeurt nu wel vanuit bijvoorbeeld cito-toetsen of op basis van beheersing van doelen op de leerlijnen, maar dan gaat het dus vooral over de cognitieve kant. Wij geloven dat er meer is dan dat. Effect van onderwijs is meer dan vaardigheidsscore, het gaat ook over welzijn van leerling. Naast cijfers moet je ook kijken naar enquêtes over veiligheidsbeleving, sociaal-maatschappelijke competenties, verzuim, etc. Maar ook het eigen functioneren als leerkracht is daar natuurlijk onderdeel van. 

Innovatie vanuit ict is lastig te vertalen naar een onderwijssetting

We zijn gaan nadenken over hoe we dit zouden kunnen gaan aanpakken. Binnen onze organisatie is het adagium “de blik vooruit en naar buiten”; dat betekent onder andere dat we proactief verbinding zoeken met andere besturen. Zo zijn we o.a. ook aangesloten bij het LECSO en hebben we actief overleg met een aantal andere besturen voor speciaal onderwijs. Van daaruit hoorden we via Orion over TRIPS. Maybelle Groeneschey is een voortrekker geweest in de oriëntatie. De ervaringen die zij binnen hun organisatie opdeden hielpen ons enorm. 

We hebben contact gezocht met TRIPS en Robert Iepsma heeft daarop een presentatie gegeven. Bij de eerste afspraak hebben we mensen van verschillende scholen betrokken; zorgcoördinatoren en directeuren. Daarnaast ook mensen van het auditteam. Op deze wijze konden we direct toetsen of het paste bij de vraag van de scholen. 

‘Kwalitatief goed onderwijs’ is onze opdracht

De kernopdracht van Attendiz is ‘kwalitatief goed onderwijs’. We hebben kwaliteitskaders opgesteld waarin vaststaat wat wij precies kwalitatief goed onderwijs vinden. Bij elke nieuwe ontwikkeling is dit kader de kapstok. We onderzoeken dan of we met die ontwikkeling ook waar kunnen maken wat we hebben afgesproken. Dat hebben we dus ook voor TRIPS gedaan.

De meerwaarde van TRIPS lijkt dat je een goed onderbouwd gesprek kan voeren. Het brengt alle informatie samen op één punt en koppelt de data, zodat het vervolgens besproken kan worden op verschillende niveaus in de organisatie. De bredere scope kan gemakkelijk meegenomen worden. Dat helpt bij het plannen van het onderwijs. Leraren kunnen dit zo zelf gaan doen, waardoor de verantwoordelijkheid meer bij hen komt te liggen. 

In onze aanpak blijven we focussen op de bedoeling van het systeem. Het moet het zicht en sturing op de onderwijskwaliteit gaan verbeteren; in de klas, op de school en op het niveau van het bestuur. Valkuil van dergelijke trajecten is dat het systeem implementeren het doel wordt. En dat willen we vooral voorkomen; TRIPS is wat ons betreft een middel dat we inzetten om de dialoog over data te ondersteunen. En daarvoor is het nodig dat scholen begrijpen welke data voor hen van belang is en hoe zij het systeem kunnen gebruiken.

Een pilot met het bestuur en twee verschillende scholen

We hebben besloten om te starten met een pilot op twee scholen omdat er bij TRIPS niet alleen een omgeving wordt ingericht, maar dat er ook samen gekeken wordt naar welke data belangrijk is voor een school, welke systemen er gebruikt worden en welke visualisatie voor welke bespreking van belang is. 

Vervolgens zijn we gaan nadenken over welke twee scholen mee konden doen, we hebben hiervoor gekeken naar twee scholen die nogal verschillen van elkaar. De ene school is een SO-school met uitstroombestemming vervolgonderwijs; SO Het Mozaïek in Almelo en het Meerik in Enschede; een VSO-school met dagbesteding als uitstroombestemming (
Het was goed om te merken dat ook andere scholen stonden te trappelen om mee te draaien in een pilot. Toch hebben we bewust gekozen voor een beperkte omvang om goed zicht te krijgen op wat werkt en wat niet werkt om dit mee te kunnen nemen in een eventuele uitbreiding over meerdere scholen.  

TRIPS is een oneindige bibliotheek

Per school hebben we een pilotteam geformeerd. Deze bestaan uit de directeur, de zorgcoördinator, leden van de CvB en op het Meerik twee leraren. Zij zijn betrokken bij het inrichten van de online omgeving en leveren input over welke data zij belangrijk vinden.
We hebben een bijeenkomst georganiseerd waarin we bij elkaar kwamen om vast te stellen welke data iets over onze kwaliteit zegt, welke systemen we hebben en welke koppelingen er dan gemaakt moeten. Nadat Robert hiermee aan de slag is gegaan kregen wij de eerste oplevering. Daarin hebben we gefinetuned welke visualisaties en subcategorieën wij nodig hadden. Na onze feedback zijn er nog enkele aanpassingen gedaan. 

Na deze laatste aanpassingen hebben we een technische workshop van Robert gevolgd. TRIPS is een oneindige bibliotheek. Je moet maar net weten welke visualisaties voor jouw school en organisatie het meest van toepassing zijn. Het prettige is dat we hier ondersteuning bij krijgen. Om hierin zelfstandig afwegingen te maken zou het helpend zijn als er een soort beslisboom ontwikkeld kan worden die we kunnen volgen. 

Je moet wel weten hoe je moet spelen

De tijd tussen de eerste oplevering van de dataomgeving en de technische workshop waarin je samen gaat kijken hoe je het systeem efficiënt inricht; dat is een ‘kritische’ periode. We kregen als het ware een enorme speeltuin met de mededeling: “ga maar op onderzoek uit en lekker spelen”. Maar dan ontstaat er een risico dat er op scholen ineffectief gedrag ontstaat. Ik zou dus als tip willen meegeven; maak de tijd tussen de oplevering en de technische workshop korter, of bereid scholen goed voor op deze periode. 

Kijk goed naar wat de bedoeling is

Het proces is erg boeiend. Vanuit data geredeneerd geeft het echt een ander perspectief op ons werk. Je wordt zo gedwongen tot de kern te komen. We willen altijd goed kijken naar wat de onderliggende bedoeling is, in plaats van ons alleen te richten op de praktische uitvoeringskant. Pas daarna kan je vaststellen wat de juiste aanpak is. Het gaat vaak al zo snel over systemen en methodes maar dat is niet een doel op zich; het zijn altijd middelen om een leerling goed onderwijs te kunnen geven.  

Kritische succesfactor

De kritische succesfactor of TRIPS wel of niet aan gaat slaan is volgens mij in hoeverre de school de meerwaarde inziet van het gebruik van data in het onderwijs en de mate waarin de school al gewend een dialoog te voeren aan de hand van data. Als dit er niet is wordt TRIPS een kunstje en het zoveelste systeem. Er moet dus wel echt geïnvesteerd worden in de onderliggende voorwaarden. Dat moet je als organisatie met elkaar doen. Het zou zonde zijn als TRIPS niet zou aanslaan omdat wij niet aan die voorwaarden hebben gewerkt. 

Niet alle scholen werken al effectief datagestuurd, niet iedereen weet welke informatie echt belangrijk is en wat niet. Data-ondersteund je onderwijskwaliteit verbeteren is materie die best lastig te begrijpen is. Een technische workshop is alleen technisch, je moet wel de bedoeling erachter begrijpen. Je moet een opvatting hebben wat goed onderwijs is, welke data hier iets over zeggen en hoe we dat willen gebruiken. Hier willen we zelf actief mee aan slag. 

TRIPS moet iets gaan toevoegen aan het gesprek

We willen gaan investeren in de school als professionele leergemeenschap, waarbij we leerteams ontwikkelen in scholen om thema’s op te pakken. Het idee is om data te gaan gebruiken bij het onderzoekend leren. Het is dan wel belangrijk dat iedereen vaardig is in data verzamelen, analyseren en interpreteren. TRIPS kan hen hierbij gaan ondersteunen. Het is een manier om data laagdrempeliger en doelmatiger in te zetten dan nu gebeurt. We willen af van de stelling “het is teveel werk, ik overzie het niet”.

Ik zou de pilot een succes vinden als het systeem gebruiksvriendelijk en toepasbaar blijkt te zijn. Iedereen moet er zelf mee aan de slag kunnen. Het moet een toegevoegde waarde in het gesprek over onderwijskwaliteit binnen een team zijn en het dialoog ook stimuleren. Wanneer scholen weten welke visualisaties belangrijk zijn bij een gesprek en het een impuls heeft aan het kwaliteitsdenken van een school, dan is het echt een succes. De droom is dat er groepen leraren bij elkaar komen om samen de kwaliteit van het onderwijs te analyseren en passende interventies bedenken. Samen onderzoeken en leren, dat is het doel. 

Wat het zou opleveren als we vaker data-ondersteunde gesprekken hebben op school? Weten wat werkt en daar meer van doen, niet voelen maar weten. 

Fase 1. Gezamenlijk ontwerp

Met TRIPS geef jij jouw medewerkers en jouw organisatie de gereedschappen om aan de slag te gaan met professionele ontwikkeling.

Let’s talk